Voor mensen die Inloophuis Debora niet kennen, valt het vaak niet mee om een eerste stap over de drempel te zetten. “Allemaal mensen met kanker, ga ik me daar wel thuis voelen”, is wat men zich vooraf vaak afvraagt. Het betekent ook een erkenning van het feit dat je zelf kanker hebt, en dat valt dikwijls niet mee. De drempel is dan ook hoog. Toch horen we achteraf dat het best is meegevallen en dat het een enorme opluchting was toen de eerste stap eenmaal was gezet.

Wat gebeurt er zoal tijdens een eerste bezoek?

Als je aanbelt, wordt de deur voor je open gedaan door een gastvrouw of gastheer, die je welkom heet, zich voorstelt en uitnodigt binnen te komen, op zoek naar een rustig plaatsje. De gastvrouw of gastheer die je dan voor je hebt is getraind in het voeren van gesprekken en weet hoe moeilijk het kan zijn zomaar tegen een vreemde het verhaal te doen over de dingen die je intensief bezig houden en die zo emotioneel zijn. Zij kunnen goed luisteren. Hij of zij licht je voor over wat het Inloophuis biedt en samen kijk je of er iets bij is wat je voor dat moment kan helpen. Samen noteer je enkele gegevens.

Tijdens zo’n eerste bezoek strijk je ook meestal wel even neer in de huiskamer. Die huiskamer is het middelpunt van het Inloophuis. Hier is het een komen en gaan van gasten, die aan een individuele of groepsactiviteit deelnemen. Hier ontmoet men elkaar en vinden gesprekken plaats. Hier voelt men zich, in onderling contact met lotgenoten, veilig en vertrouwd. Maar hier liggen ook de inschrijfordners, waarin men zich kan inschrijven voor de activiteiten. En het zou leuk zijn als je tijdens een eerste bezoek al iets vindt dat je verder kan helpen. Want dat is wat het Inloophuis wil bieden: een helpende hand in je verwerkings- en acceptatieproces.

Het spreekt vanzelf dat zo’n eerste bezoek niet echt in regeltjes te vatten is. Zoals eigenlijk niets in het Inloophuis. Het belangrijkste is dat de gasten zich thuis voelen. En dat we op een plezierige manier met elkaar omgaan. Niets moet.